(c) On'wijs 2003

1 februari  het leed  evacuatie   de slachtoffers   kinderen   dieren  schade   koningshuis

a

Overvallen?
In de nacht van zaterdag 31 januari op zondag
1 februari 1953 werden duizenden getroffen door het plotseling opkomende water. Een stormvloed veroorzaakte extra hoog water op de Noordzee. De langdurige storm stuwde het zeewater de brede zeearmen in. De watermassa’s beukten urenlang (23 uur) op de zwakke en vaak te lage buitendijken. In de vroege morgen braken de dijken door in Zeeland, West-Brabant en op de Zuid-Hollandse eilanden.
De zeearmen  



Op zaterdagavond werden op veel plaatsen dijkwachten ingesteld om de dijken in de gaten te houden. Het kolkende zeewater en de alsmaar aanhoudende storm waren voortekenen van een dreigende ramp, maar het was niet voor iedereen duidelijk dat er iets verschrikkelijks stond te gebeuren. Het woei wel vaker hard en het hoge water was ook geen bijzonder verschijnsel.


Hoog water bij Den Bommel
(Het water staat tot de dijk)
 
Lage dijk bij Herkingen (een zgn. katterug)

Het verhaal 
 


Dhr. Kreeft vertelt over hoog water ver voor de ramp.
 
   


 Coupure met vloedplanken in Stavenisse



Langs de havens moesten gemeentewerkers vloedplanken in daarvoor bestemde gleuven plaatsen.
Veel coupures bleken in slechte staat van onderhoud. Planken waren half verrot. Soms ontbraken planken of waren er gewoon te weinig.

Zoals altijd waren er toen ook mensen met bange voorgevoelens. Vooral mensen die nauw met het water verbonden waren, zagen in dat het mis zou kunnen gaan.  Vooral omdat het water bij eb al zo hoog stond als het bij vloed en springtij nog moest komen. 
 


Het gors bij Herkingen bij normale vloed.
 

Gors bij Herkingen bij eb om zes uur op zaterdag 31 januari
 
Anderen dachten dat het wel mee zou vallen. Zij gebruikten de volkswijsheid: "niet ebben, niet vloeien". Dit betekent als het met eb zo hoog is als bij vloed, zal het water bij vloed niet nog hoger komen. Men ging er vanuit dat een storm tussen eb en vloed wel af zou nemen in kracht. Dit bleek echter niet het geval.
 

Het verhaal 
 


Dhr. de Vos uit Oude-Tonge vertelt dat ze wakker gemaakt werden. Dirk wordt wakker geklopt.
 
 

 
De situatie werd van plaats tot plaats anders ingeschat. In veel dorpen luidden 's nachts bijtijds de klokken of werd er op deuren en ramen geklopt. Ook in de buitengebieden werden velen per telefoon gewaarschuwd.
In andere dorpen werd getwijfeld en bleven acties achterwege.

 Het tijdstip waarop mensen gewaarschuwd werden voor het naderend onheil was nogal verschillend. Van middernacht tot rond de klok van vier uur.

Tijdens de ramp hadden nog maar weinig mensen een telefoon. Mobiele telefoons waren er helemaal nog niet.

Op de foto zie je een ouderwetse telefooncentrale. Door de stekkers in een gaatje te steken kon je mensen op de centrale met elkaar in contact brengen.
 

Het verhaal 
 


Dhr. de Vos uit Oude-Tonge vertelt dat hij met zijn broer bij de haven ging kijken. Het polderbestuur gaf aan dat ze bang waren dat de dijken het zouden begeven. Toen ze bij de dijk kwamen zagen ze dat het water  een halve meter over de dijk liep. Wat moest dat worden..
 
 
Water dat over een dijk stroomt bij Oudelande
 
Filmpje de kracht van het water
De kracht van het water is duidelijk te zien.   (Videofilm DeltaVideo produkties)
 
De kracht van het water
 

Rond twee uur ’s nachts, dat was twee uur voor de hoogste waterstand, sloegen op veel plaatsen manshoge golven over de dijken. Rond drie uur vond de eerste dijkdoorbraak plaats. In de volgende uren zouden veel dijken het begeven en stroomden de polders vol met het zoute zeewater.

   

Dijk bij Willemstad
 
Vertrek met behulp van paard en wagen (Oosterland)
 
   




<< Tekening Frank de Brouwer
www.ideeweb.nl/brouwer/

 
 
Velen vluchtten naar zolders, hoger gelegen huizen of probeerden op een andere manier hun leven in veiligheid te brengen. Anderen werden in hun slaap verrast. Veel huizen bleken niet bestand tegen het kolkende water.
De ramp van 1953 werd de ramp die door niemand voor mogelijk werd gehouden.